Over dit artikel

Naast het algemene bezoldigingsmaximum voor 2019 (€ 194.000) heeft minister De Jonge van Volksgezondheid, Welzijn en Sport eind november ook de sectorale normen voor 2019 bekend gemaakt. Uit deze publicatie blijkt dat naast de gebruikelijke indexering van de bedragen de WNT regeling Zorg en jeugdhulp 2019 is aangepast op het punt van “relevante financieringsbronnen”.

Wijziging begrip relevante financieringsbronnen

In de huidige “Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen zorg en jeugdhulp” is het bezoldigingsmaximum afhankelijk van de klasse-indeling. De klasse-indeling wordt bepaald op basis van de complexiteit (kennisintensiteit – aantal taken – relevante financieringsbronnen) en omzet van de zorgorganisatie.

Met ingang van 2019 is het begrip van relevante financieringsbronnen gewijzigd. Voor de bepaling van het aantal punten was een financieringsbron pas relevant als daarmee ten minste 10% of € 5 miljoen van de opbrengsten werd gegenereerd. Zorgorganisaties met een omzet beneden de € 10 miljoen kwamen überhaupt niet in aanmerking voor een extra punt in dit kader. Een veel gehoord bezwaar, met name van de kleinere zorgorganisaties, was dat de complexiteit niet minder wordt naar mate de omzet c.q. omvang van een financieringsbron kleiner is.

In de aangepaste “Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen zorg en jeugdhulp 2019” zijn de eisen van tenminste 10% of € 5 miljoen van de opbrengsten komen te vervallen. Ook het uitsluiten van zorgorganisaties met een omzet beneden de € 10 miljoen is vervallen. Alleen het aantal relevante financieringsbronnen is nog van belang.

Dit betekent dat als de opbrengsten in 2019 bestaan uit drie of meer relevante financieringsbronnen, de zorgorganisatie een extra punt scoort voor de klasse-indeling. De relatieve omvang en omzet zijn niet meer van belang.

Gevolg wijziging

Het wijzigen van het begrip relevante financieringsbronnen heeft met name gevolgen voor de “kleinere” zorgorganisaties. Een verzorgings-/verpleeghuis met een omzet kleiner dan € 10 miljoen kon in de huidige regeling maximaal 7 punten scoren en viel hiermee per definitie in klasse I. Met de nieuwe regeling kan ook deze “kleinere” zorgorganisatie een extra punt scoren waarmee het maximum uitkomt op 8 punten (klasse II). Ook middelgrote zorgorganisatie zullen profiteren en met het extra gescoorde punt doorschuiven naar klasse III of IV.

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Peter Brücker