Over dit artikel

Al eerder schreven wij een artikel over de wijze waarop cliënten en zorgorganisaties met een PGB gecompenseerd werden voor de niet geleverde zorg. In de praktijk zorgde deze constructie in de eerste plaats voor een administratieve last voor de budgethouders. Maar ook voor zorgaanbieders zorgde deze werkwijze voor uitdagingen. In dit artikel delen we enkele van deze uitdagingen en mogelijke oplossingen.

Situatie

In het kort kwam het hier op neer:

  • Zorgorganisaties mochten de niet geleverde zorg in rekening brengen bij de budgethouders
  • Van budgethouders werd verwacht dat zij deze facturen ter betaling doorstuurden naar de Sociale Verzekeringsbank (SVB)
  • Ook werd van budgethouders verwacht dat zij de niet geleverde zorg nauwkeuring in een overzicht bijhielden. Dit overzicht wordt namelijk gebruikt door de gemeente of het zorgkantoor om het budget achteraf weer aan te vullen.
  • De achterliggende gedachte is dat deze constructie budgetneutraal is.

Uitdagingen in de praktijk

In de praktijk zorgde deze constructie in de eerste plaats voor een administratieve last voor de budgethouders. Maar ook voor zorgaanbieders zorgde deze werkwijze voor uitdagingen. Niet alleen moest de niet geleverde zorg inzichtelijk gemaakt worden, ook moest dit goed vastgelegd worden in het ECD. Ook hingen er financiële risico’s aan deze constructie. Aangezien budgethouders niet verplicht werden om de facturen ter uitbetaling door te sturen naar de SVB, plaatst dit de zorgorganisaties in een vervelende positie op het moment dat budgethouders niet aan deze regeling mee willen werken.

De argumenten daarvoor kunnen divers zijn. Soms is het niet geheel helder wat er van een budgethouder verwacht wordt, of hebben zij alternatieve zorg ingekocht en zijn om die reden bang dat het budget niet aangevuld gaat worden wat voor problemen zorgt richting het einde van het jaar. Dit leidt in sommige gevallen tot veel onbetaalde facturen voor zorgorganisaties en deze omzetderving kan niet op een andere manier gecompenseerd worden.

Wat zien wij qua oplossingen bij zorgorganisaties?

Het complexe aan deze gehele situatie is dus dat budgethouders niet verplicht worden om de facturen te betalen. Diverse organisaties hebben inmiddels contact gezocht met de SVB en de door hen gesuggereerde oplossing is om een overlegmoment te organiseren waarbij de zorgorganisatie, budgethouder én financierende partij (dus zorgkantoor of gemeente) aanwezig zijn. Deze mogelijkheid kan het nodige vertrouwen bieden om alsnog de facturen uit te laten betalen. Echter is deze oplossing ook erg tijdintensief. In de praktijk zien wij dan ook diverse oplossingen:

  • Maak uiteraard in de eerste plaats inzichtelijk wat de openstaande facturen zijn en wat de beweegredenen zijn voor de budgethouders om niet te betalen.
  • Bepaal ook voor welke facturen het niet de moeite waard is om er veel tijd en moeite in te steken omdat het bijvoorbeeld om kleine bedragen gaat.
  • In de veronderstelling dat er vanuit zorgorganisaties duidelijk is gecommuniceerd is waarom er facturen zijn verstuurd, zou een vervolgstap kunnen zijn om een overlegmoment te plannen met de financierende partij.
  • Een andere (tussen)optie zou zijn om in eerste instantie een overleg te plannen in het bijzijn van bijvoorbeeld een zorgmanager of een persoonlijk begeleider om via die weg de situatie nogmaals uit te leggen.

Conclusie is echter dat de regeling om omzetderving van zorg vanuit een PGB te compenseren, omslachtig en tijdrovend is.  De geboden oplossingen door de SVB zouden kunnen bijdragen, maar zijn ook tijdrovend. Maak daarom continu de afweging of de moeite opweegt tegen het resultaat.

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Ellis Vlessert