Over dit artikel

De Nederlandse arbeidsmarkt is op dit moment bijzonder krap. Vooralsnog past de arbeidsmarkt zich onvoldoende aan om de krapte op te lossen. Het kabinet ziet dan ook een duidelijke rol voor de overheid om deze krapte aan te pakken, naast de essentiële rol van werkgevers en de verantwoordelijkheid van werknemers zelf.

Basiscontracten gaan de oproepcontracten en min-max-contracten vervangen

Oproepcontracten, zoals nul-urencontracten en min-max-contracten bieden werknemers weinig zekerheid. Via de Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB) zijn stappen gezet, zoals de verplichting om tot een aanbod voor een vaste arbeidsomvang te komen na 1 jaar, en een minimale oproeptermijn van 4 dagen. Echter is de zekerheid van deze werknemers nog steeds onvoldoende.

Het kabinet onderschrijft dit en kiest ervoor om oproepcontracten in hun huidige vorm af te schaffen en deze contracten te vervangen door een basiscontract. Scholieren en studenten worden hiervoor uitgezonderd.

Geen opeenvolgende tijdelijke contracten meer door het afschaffen van de pauze in de keten

Uit een evaluatie van de Wet werk en zekerheid (WWZ) blijkt dat 14 procent van de werkgevers  gebruik maakt van periodes tussen tijdelijke contracten van minimaal zes maanden. Bij dergelijke tussenpozen begint weer een nieuwe keten van tijdelijke contracten (bij seizoenswerk geldt bij cao een tussenpoos van ten minste 3 maanden).

Het kabinet vindt dit ongewenst en wil daarom regelen dat een ‘keten’ van contracten niet opnieuw begint na een tussenperiode, maar dat al het voorgaande werk onderdeel is van de ‘keten’. Het kabinet onderzoekt nog een aparte regeling voor de onderbrekingstermijn voor seizoenswerk.

Voor scholieren en studenten met een bijbaan blijft wel een onderbrekingstermijn van 6 maanden bestaan, om hun toegang tot de arbeidsmarkt niet te beperken, aangezien het hier zoals ook bij de uitzondering voor oproepcontracten om bijbanen gaat.

Dat zijn twee maatregelen die in de hoofdlijnenbrief Arbeidsmarkt staan waarin Minister Van Gennip van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de Tweede Kamer informeert welke maatregelen het kabinet wil nemen tegen de krapte op de arbeidsmarkt. In deze brief wordt de koers beschreven die is ingezet naar die toekomstbestendige arbeidsmarkt. Ook staan in deze brief de stappen die worden genomen om werkenden meer zekerheid te geven.

Om krapte aan te pakken, zet het kabinet in op:

  • het verminderen van de vraag naar arbeid;
  • het vergroten van het arbeidsaanbod;
  • en het verbeteren van de match tussen vraag naar en aanbod van arbeid.

De voorgestelde aanpak bestaat uit zes acties voor de overheid:

  1. Stimuleren van technologie- en procesinnovatie;
  2. Inzet op arbeidsaanbod;
  3. Verbeteren van de match;
  4. Stimuleren van meer uren werken;
  5. Inzet op leven lang ontwikkelen en
  6. Verbeteren aansluiting initieel onderwijs en arbeidsmarkt.

Een aanpak van krapte slaagt niet zonder de inzet van werkgevers en werknemers. Daarom doet het Kabinet hier samen met sociale partners en (onderwijs)organisaties verschillende oproepen aan werkgevers om ook aanvullende acties te ondernemen om: werk anders in te richten, in te zetten op innovatie, betere arbeidsvoorwaarden te bieden, te kijken naar onderbenutte deeltijders, anders te werven en samen te werken tussen sectoren.

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Monique Straver

Deel dit artikel