Over dit artikel

“Veranderingen volgen elkaar snel op; ook in de zorg. Dan loop je het risico dat met name de processen en systemen alle aandacht krijgen en er te weinig aandacht is voor de mens. Maar als je processen écht wil laten slagen, moet je werk maken van adoptie vanuit de medewerkers. Alleen op die manier kun je van toegevoegde waarde zijn voor de cliënt. Wij begeleiden medewerkers in de ontwikkeling om mee te bewegen in de transitie.”

Zo vatten Jeanine de Vries en Anouk van den Bogaard hun werk als facilitair adviseur bij AAG samen. Ze vertellen enthousiast over de manier waarop ze – gebruik makend van beproefde methodes – teams in zorgorganisaties beter laten samenwerken. Dat blijkt niet altijd eenvoudig. “We zien vaak dat teams al heel lang in een vaste formatie samenwerken terwijl de teamleden elkaar nog steeds niet écht blijken te kennen. ‘Hé, dat wist ik helemaal niet van jou!’ horen we vaak.”

Nieuwe taakverdeling

“We besteden veel tijd aan het in kaart brengen van de verschillende culturen binnen de organisatie. Die verschillen zijn vaak groot. Dat komt bijvoorbeeld tot uiting wanneer taken – vanwege een verandering in (facilitaire) processen – anders verdeeld worden. Bijvoorbeeld wanneer facilitair medewerkers worden toegevoegd aan de afdeling om gezamenlijk zorg en wonen rondom de cliënt te organiseren. Dit vraagt om een andere manier van werken. Daarnaast wordt van een team dat om de cliënt geformeerd is, gevraagd dat het in hoge mate zelfstandig gaat functioneren. Dit vraagt ook van de teammanagers om de teamleden optimaal te begeleiden in deze ontwikkeling. Daarvoor heb je – eenvoudig gezegd – een professional nodig, die laat zien hoe wél vorm kan worden gegeven aan integratie.”

Elkaars taal spreken

Jeanine: “Onze hulp wordt vaak ingeroepen als er al langere tijd signalen zijn dat het niet lekker loopt en dat de kwaliteit van de organisatie dreigt te devalueren. Gewoon doordat de verschillende groepen binnen de organisatie elkaars taal niet spreken. Na een intensief kennismakingstraject gaan we – vanuit onze specifieke deskundigheid en ervaring – aan de slag om teams beter te laten samenwerken. Op een gegeven moment (soms al heel snel) zie je dan het ‘magische effect’ ontstaan: medewerkers blijken opeens op dezelfde golflengte te zitten. Dan worden werkzaamheden steeds meer samen en daardoor effectiever uitgevoerd, bijvoorbeeld doordat mensen bereid zijn om elkaar te ondersteunen. Waar het eerst individuen waren die werkten onder het motto ‘ieder voor zich’ hebben ze nu iets voor elkaar over. Het is fantastisch om dat te zien.”

Kwalitatieve verbetering

Anouk: “Bij dat proces hoort ook de juiste scholing van medewerkers op alle niveaus. Natuurlijk verandert de cultuur binnen de organisatie niet van de ene dag op de andere. Dat gaat met kleine stapjes. En soms kan een team zich ook niet ontwikkelen tot het hoogste niveau, terwijl je dat eigenlijk wel zou willen zien. Dan moet je tevreden zijn met de vooruitgang die is geboekt en erbij stilstaan of het hoogste niveau nodig is om je doelen te behalen. Juist door die samenwerking te verbeteren en aandacht te hebben voor vakbekwaamheid kun je een kwalitatieve verbeterslag maken. Een goede onderlinge samenwerking is tevens voelbaar voor de bewoner of cliënt. Dat vind ik het mooie aan dit werk: je levert een bijdrage aan de maatschappij door de kwaliteit van zorg en dienstverlening en het welzijn van de cliënt te verbeteren.”

Schakels in een lange ketting

Beide facilitair adviseurs benadrukken hoe belangrijk het is dat zorg- en facilitair medewerkers zich ervan bewust zijn dat ze allemaal schakels zijn in een lange ketting. “En over schakels gesproken: soms moet je als adviseur ook schakelen omdat je ziet dat een medewerker niet op de juiste plek zit. Daarbij moet je ook bepalen wie de meest intensieve begeleiding nodig heeft: het team, de teammanager of juist de combinatie van beide. En je moet niet bang zijn om een steen in de vijver te gooien. Maar dat moet dan wel gebeuren in een veilige omgeving.”

De adviseurs krijgen hoge cijfers van de organisaties die ze begeleiden, ”Meestal een 8 of hoger. Ze waarderen vooral de laagdrempelige begeleiding én het feit dat wij in staat zijn om een veilige werkomgeving te creëren. Doordat we midden in het team staan en in zekere zin één van hen worden, krijgen we veel van de onderstroom mee.”

Ze vatten de boodschap samen: ‘We willen dat de cliënt zich welkom voelt, en we gunnen jullie plezier in je werk. Werk kan nog leuker zijn dan je nu denkt!’

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Jeanine de Vries