Over dit artikel

Met enige regelmaat wordt er binnen het berichtenverkeer een transformatie doorgemaakt naar een nieuwe berichtenstandaard. De ene keer zijn de wijzigingen ingrijpender dan de andere keer. Binnen het sociaal domein stond er afgelopen jaarwisseling een grote wijziging (major release) op de planning; het berichtenverkeer ging over van versie 2.4 naar 3.0. Bij de Wlz is de overgang wat betreft de berichtenstandaard wat kleiner (minor release), maar is met name de wijziging in wachtstatussen een aandachtspunt. In dit artikel blikken we kort terug en kaarten we de belangrijkste aandachtspunten aan.

Terugblik en aandachtspunten iWmo/iJw

Terugblik

Over het algemeen is het gros van de omzettingen van de nieuwe toewijzingen zonder al te veel problemen verlopen. De meeste gemeentes hebben tijdig de nieuwe beschikkingen toegestuurd. Na het ‘live’ gaan van iWmo en iJw 3.0 was het berichtenverkeer vanwege het grote aantal berichten tijdelijk overbelast, maar ook dat is inmiddels opgelost.

Aandachtspunten

  • Controleer op de volledigheid van de migratie goed of alle cliënten die vorig jaar nog over een beschikking in een ‘oude vorm’ beschikten, inmiddels een nieuwe hebben ontvangen. Het gaat dan bijvoorbeeld om cliënten met een frequentie van één stuk per vier weken. Dit is echter niet in alle ECD’s goed mogelijk, een BI-tool is hier vaak geschikter voor.
  • Als het goed is, zijn inmiddels door de zorgorganisaties de meeste start- en stopberichten Controleer goed of alle berichten zijn verstuurd, maar óók of de gemeente deze berichten inmiddels heeft goedgekeurd. In de praktijk merken we dat er berichten in sommige gevallen verloren zijn gegaan en dus niet bij een gemeente terecht zijn gekomen.
  • Diverse gemeentes hebben niet alleen de actieve beschikkingen overgezet, maar ook de beschikkingen van cliënten die reeds uit zorg zijn gemeld. Resultaat is dat er beschikkingen binnen zijn gekomen van cliënten die reeds uit zorg zijn (dit is vaak snel zichtbaar), óf voor cliënten die inmiddels een Wlz-indicatie hebben. Door hier actief op te controleren, voorkomt u foutmeldingen en vervuiling van het systeem.
  • In het landelijk draaiboek was opgenomen dat startberichten per 1-1-2021 uiterlijk 15 januari ingediend moesten zijn omdat anders automatisch de eigen bijdrage (CAK) zou worden stopgezet. In sommige gevallen zal nu blijken dat er niet tijdig een startbericht is verstuurd, vanwege verscheidene redenen. Wellicht is de beschikking nog niet correct ontvangen, is het startbericht nog niet verwerkt, etc. Communiceer waar nodig intern (bijvoorbeeld met de zorgconsulenten) dat het zo kan zijn dat cliënten contact opnemen over communicatie vanuit het CAK. Risico is dat de cliënt volgende maand een dubbele factuur krijgt.
  • Afhankelijk van het softwarepakket van gemeentes zorgden nieuwe beschikkingen met een ingangsdatum na 14-12-2020 voor problemen. Gemeentes geven soms producten die over vorig jaar nog in stuks per vier weken afgegeven moesten worden, nu over die periode af in stuks per maand. Deze berichten kunnen vaak niet ingelezen worden. Signaleer dit proactief richting gemeentes, zij zullen nieuwe beschikkingen moeten afgeven met een periode tot en met 31-12-2020 en een nieuwe regel per 1-1-2021.
  • Tot slot; sinds de migratie naar iWmo/iJw 3.0 is er een nieuw bericht bijgekomen, het Verzoek om Wijziging (VOW). Veel gemeentes hebben echter aangegeven hier voorlopig nog niet mee te werken. Inventariseer de situatie zodat helder is óf, en hoe (met welke vereisten) de betrokken gemeentes gaan werken met dit bericht.

Wijzigingen Wlz-berichtenverkeer

Het zorgkantoor heeft aangegeven dat alleen een leveringsstatus onvoldoende inzicht voor hen geeft. Daarom is er vanaf 01-01-2021 sprake van een nieuw wachtlijstsysteem. De classificatieredenen zijn erbij gekomen. Zo geeft dit meer inzicht in de situatie van de cliënt dan voorheen. Dit is ook van belang om de juiste cliënten te kunnen plaatsen op basis van eigen prioriteit.

Zie onderstaande overzicht voor de opties.

Klik op de afbeelding om deze te vergroten

Treeknormen voor de wachtstatus

Wanneer een nieuwe toewijzing binnen komt bij de zorgaanbieder, moet hier binnen een bepaalde termijn op gereageerd worden. Dit kan met een aanvang zorg als cliënt meteen start, maar in veel gevallen zal er nog contact gezocht moeten worden met desbetreffende cliënt over zijn/haar wensen. Daarvoor is er ook een bepaalde tijd voor gesteld. Zie hiervoor onderstaande tabel.

VV: binnen 6 weken

GZ: binnen 13 weken

In de tabel hieronder staan de belangrijke data voor het aanleveren van de nieuwe statussen. Deze zijn ingegaan per 01-01-2021, maar de bestaande statussen vanuit 2020 moeten nog omgezet worden naar de nieuwe statussen inclusief classificatie.

Nog een aantal aandachtspunten voor de Wlz statussen

Onderstaande punten zijn nog wat wijzigingen/aandachtspunten voor de Wlz en waar ook de status van toepassing zal gaan zijn.

Deel tijdverblijf

  • Iemand kan vanaf 2021 bij het CIZ zijn voorkeur voor leveringsvorm DTV aangegeven.
  • Vanaf 2021 is het aanvragen van DTV niet meer afhankelijk van de beschikbaarheid van een plaats.
  • Als iemand voorkeur heeft voor DTV kan dit altijd aangevraagd worden.
  • Ook de coördinator zorg thuis kan DTV aanvragen.
  • Is er geen mogelijkheid voor DTV, dan komt iemand hiervoor op de wachtlijst te staan. Daardoor wordt de behoefte aan deze leveringsvorm beter in beeld gebracht.

Partneropname

  • Wordt een cliënt opgenomen in een Wlz-instelling, dan mag de partner mee verhuizen naar deze instelling.
  • Voor partneropname zijn er 2 situaties te onderscheiden:
  • Partner heeft zelf ook een Wlz-indicatie (bij beide partners kunnen we nu aangeven Partneropname -> daardoor makkelijker herkenbaar en bij elkaar te brengen voor plaatsing).
  • Partner heeft zelf geen indicatie voor Wlz-zorg (ZZP0).  Procesafspraak was dat er pas een aanvraag voor ZZP0 (administratief indicatiebesluit) gedaan kon worden als er plaats was voor partneropname -> Aanvraag kan nu al direct zodat we inzicht krijgen in de wensen en is niet meer afhankelijk van beschikbaarheid van plaats.
  • Klant met status : wacht op voorkeur en wacht uit voorzorg  .
  • Classificatie: partneropname .

Aandachtspunten voor uw organisatie

  • Is dit bij de juiste personen bekend in de organisatie?
  • Is er een aanspreekpunt in de organisatie die zich hiermee bezig houdt (zorgconsulent of zorgbemiddeling is mogelijk een kartrekker)?
  • Wat voor invloed heeft dit op verdere interne processen?
  • Zijn zaken intern al besproken/aangepast (formulieren)?
  • Is er een planning zodat de deadlines om de statussen aan te passen tijdig gebeurt?

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Ellis Vlessert