Over dit artikel

Hoog zomer, hitte, vakantie…? Niet in de zorg! De zorgvraag neemt niet af in de zomer. Wél worden er welverdiende vakanties opgenomen en zetten zorgorganisaties naar beschikbaarheid vakantiekrachten in. De zorg is één van de sectoren die continu, onder hoge werk-, psychische en procedurele druk, blijft doorgaan.

Bij diverse zorgorganisaties neemt het spanningsveld tussen de behoefte aan professionele krachten en het in elk geval formatie te hebben om de cliënten op een goede manier van eten en drinken te voorzien toe. Ondertussen is het hitteplan al meerdere malen in werking getreden. De vijf vuistregels van het plan:

  • drink voldoende
  • vermijd inspanning
  • blijf uit de hitte
  • zorg voor koelte
  • zorg voor elkaar

Dat betekent dat medewerkers in de zorg het water/drinken voor cliënten makkelijk beschikbaar/bereikbaar moeten maken en erop moeten letten dat cliënten zo’n 2 liter water per dag drinken en hun maaltijden zo goed mogelijk eten.

Veel zorgorganisaties initiëren bovendien extra afleiding van de hitte in combinatie met verkoeling door bijvoorbeeld als verrassing ijsjes uit te delen. Petje af voor de zorgteams en ondersteunende diensten voor het niet-aflatend zorgen voor de medemens!

Ondervoeding en uitdroging

Het is belangrijk dat cliënten goed blijven eten. Soms komen ze ondervoed binnen, of eten minder door het warme weer. Ondervoeding leidt tot spierverlies, infecties, trager herstel bij revalidatie en dus tot een langere opname duur. Wanneer hierop niet adequaat wordt, komt de cliënt in een negatieve spiraal. Deze negatieve spiraal leidt tot (verdere) ondervoeding en uitdroging.

Meerdere eetmomenten op een dag

Een eenvoudige, maar belangrijke stap ter voorkoming van ondervoeding en uitdroging is het plannen van extra eetmomenten. Dat hoeven geen uitgebreide maaltijden te zijn; voedingsrijke tussendoortjes zijn veel effectiever. Voorbeelden van eenvoudige tussendoortjes zijn komkommer, (snoep)tomaatjes, een stuk fruit (rijk aan vocht en mineralen), een Danoontje, een roomijsje en kwark (energie- en eiwitrijk). Met soep kan eventueel ook gevarieerd worden. Soep is een welkome vochtleverancier met veel voedingswaarde. Daarnaast is het een pittige, warme of koude opkikker.

Het aanbieden van extra tussendoortjes heeft bovendien nog twee bijkomstige voordelen. Zo kan er ‘s avonds een kleinere warme maaltijd worden aangeboden. De hoeveelheid groenten en eiwitcomponenten (vlees, vis) moet hierbij wel zoveel mogelijk intact blijven. Daarnaast zijn er meer contactmomenten tussen de medewerker en de cliënt. Zo kan de medewerker de vochtinname van de cliënt beter controleren en ervoor zorgen dat de cliënt voldoende drinkt.

Geen komkommertijd in de zorg dus, maar wél tijd voor komkommer! 🙂

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Michel van Tilborg