Over dit artikel

Hoe past u de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (hierna “de Richtlijnen”) toe op de Covid ’19 compensatieregelingen? Dit is de centrale vraag die de Raad voor de Jaarverslaggeving heeft beantwoord in haar meest recente RJ-Uiting 2021-6: “Impact Covid-19 en sectorspecifieke compensatieregelingen op de jaarverslaggeving 2020 van zorginstellingen” (hierna “de RJ-Uiting”). In dit artikel geven wij u de belangrijkste punten uit de RJ-Uiting voor uw jaarrekening 2020.

De RJ-Uiting is opgesteld met het doel om te ondersteunen bij het toepassen van de Richtlijnen en geeft daarmee uitleg over de toepassing van de Richtlijnen. De scope van de RJ-Uiting zijn de Covid ’19 compensatieregelingen. Hiermee wordt gedoeld op de Continuïteitsbijdrage / bijdrage Omzetderving en de Meerkosten / Extra Kosten Corona regelingen of soortgelijke regelingen. Subsidieregelingen als de Zorgbonus of de NOW vallen hier niet onder. Hiervoor wordt naar Richtlijn 274 verwezen.

Verwerking in de jaarrekening

De Covid ’19 compensatieregelingen die betrekking hebben op 2020, dienen in de jaarrekening van 2020 te worden verantwoord als aan de criteria van RJ 270.115 is voldaan. De belangrijkste criteria zijn:

  • Het bedrag van de opbrengst kan op betrouwbare wijze worden bepaald.
  • Het is waarschijnlijk dat de opbrengsten worden ontvangen.

De term betrouwbare wijze en waarschijnlijk zijn hier van belang en vragen u om een oordeel te vormen. Betrouwbare wijze gaat over de methode waarmee u het bedrag van de opbrengst bepaalt (en niet of het bedrag zelf betrouwbaar is). Alleen in uitzonderlijke situaties zal geen betrouwbare schatting gemaakt kunnen worden. Voor waarschijnlijk wordt in het algemeen het criterium meer dan 50% kans gehanteerd.

Daarnaast geeft de RJ-uiting uitleg over de verwerking van de hardheidsclausule in de compensatieregelingen Zvw in de jaarrekening 2020.

Presentatie en toelichting

De RJ-Uiting geeft de aanbeveling om de Covid’19 compensatie in de resultatenrekening te presenteren onder de post ‘opbrengsten zorgprestaties, jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning’ (model D van bijlage 1 van hoofdstuk 655 Zorginstellingen). De overweging hiervoor is dat alle componenten van deze compensatieregelingen zijn gerelateerd aan de normaliter te leveren zorgprestaties. Deze presentatie draagt zo bij aan de vergelijkbaarheid tussen boekjaren.

Voor het inzicht in de jaarrekening is het van belang om in de toelichting het volgende te vermelden:

  • de aard van de compensatieregelingen;
  • de wijze waarop deze compensatieregelingen zijn verwerkt;
  • de belangrijkste uitgangspunten en veronderstellingen die ten grondslag liggen aan de in de resultatenrekening opgenomen compensatieregelingen;
  • de omvang van de in het boekjaar in de resultatenrekening verwerkte compensatieregelingen;
  • de rechten en verplichtingen uit hoofde van de compensatieregelingen die niet als opbrengsten zijn verantwoord in de resultatenrekening; en
  • de status te vermelden van de onderhandelingen met de zorgverzekeraars, Wlz uitvoerders en overige contractpartijen op het moment van het opmaken van de jaarrekening.

Bijzondere posten

De RJ-Uiting stelt dat de financiële gevolgen van Covid ’19 veelal kunnen worden aangemerkt als “bijzondere posten (artikel 2:377 lid 8 BW en Richtlijn 270 alinea 404). Bijzondere posten dienen afzonderlijk en ongesaldeerd te worden toegelicht. Indien een bijzondere post is verwerkt in meerdere andere posten van de jaarrekening – wat voor de financiële gevolgen van Covid ’19 veelal het geval zal zijn – dient een specificatie met bedragen te worden gegeven van de posten waaronder de bijzondere post is verwerkt.

Tot slot

Om u verder te ondersteunen in deze complexe materie zullen wij binnenkort enkele voorbeelden uitwerken. Houd hiervoor onze website in de gaten.

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!