Over dit artikel

Als een oproepkracht ziek wordt, houdt de oproepkracht soms recht op doorbetaling van loon of krijgt soms een Ziektewet-uitkering van UWV. Dit hangt af van het soort oproepcontract.

Er zijn drie soorten oproepcontracten:

  1. een oproepcontract met voorovereenkomst,
  2. een nul-urencontract,
  3. een min-maxcontract.

 

1. Oproepcontract met voorovereenkomst

Bij een oproepcontract met voorovereenkomst is de oproepkracht niet verplicht te komen als de werkgever hem/haar oproept. De werkgever is ook niet verplicht de oproepkracht op te roepen. Zodra de oproepkracht een oproep accepteert, ontstaat er een arbeidsovereenkomst. De afgesproken periode die de oproepkracht zou moeten werken heet de oproepperiode.

  • Ziek tijdens oproepperiode
    De werkgever betaalt de oproepkracht minstens 70% van het loon over de afgesproken periode die de oproepkracht zou moeten werken. Als dit lager is dan het geldende minimumloon, krijgt de oproepkracht het minimumloon.
  • Ziek na afloop oproepperiode
    Als de oproep is afgelopen, is ook het tijdelijke arbeidscontract afgelopen. De werkgever hoeft de oproepkracht dan geen loon meer te betalen. De werkgever geeft aan UWV door dat de oproepkracht nog steeds ziek is. UWV beoordeelt dan of de oproepkracht recht heeft op een Ziektewet-uitkering.
  • Ziek buiten oproepperiode
    Op het moment dat een oproepkracht ziek wordt, heeft hij/zij geen arbeidscontract. De oproepkracht krijgt dus geen loon. Wordt de oproepkracht ziek binnen vier weken nadat het laatste arbeidscontract is afgelopen? Dan dient de werkgever dit door te geven aan UWV. UWV beoordeelt dan of de oproepkracht recht heeft op een Ziektewet-uitkering.

 

2. Nul-urencontract

Bij een nul-urencontract is de oproepkracht verplicht te komen als de werkgever hem/haar oproept.

Bij een arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht (MUP) ook wel nul-uren contract is het van belang of de werknemer indien de ziekte niet zou zijn opgetreden arbeid zou hebben verricht. Dit is het geval wanneer de werknemer is opgeroepen om te werken ziek wordt. In die situatie bestaat er recht op loon waarbij in beginsel ook gekeken moet worden naar de gemiddelde arbeidsomvang van de voorgaande 13 weken. (Art. 7:610 b BW).

  • Ziek tijdens oproepperiode
    De oproepkracht krijgt minstens 70% van het loon over de afgesproken oproepperiode die de oproepkracht zou moeten werken. Als dit lager is dan het geldende minimumloon, krijgt de oproepkracht het minimumloon.
  • Ziek na afloop oproepperiode
    Na afloop van een oproep krijgt de oproepkracht geen loon meer, ook niet als de oproepkracht dan nog ziek is. Pas als het arbeidscontract eindigt en de oproepkracht nog steeds ziek is, geeft de werkgever dit door aan UWV. UWV beoordeelt dan of oproepkracht recht heeft op een Ziektewet-uitkering.
    Roept de werkgever de oproepkracht tijdens ziekte niet meer op? En werkt de oproepkracht minimaal 3 maanden bij de werkgever? Dan heeft de oproepkracht mogelijk recht op doorbetaling van de uren die hij/zij gemiddeld werkt.
    De werkgever mag de werknemer hooguit een jaar als oproepkracht laten werken. Blijft de oproepkracht na dat jaar in dienst, dan krijgt hij recht op een vast aantal uren per week, maand of jaar die de oproepkracht de afgelopen 12 maanden gemiddeld werkte. De werkgever moet dit aanbod binnen een maand na dat jaar doen. Heeft de oproepkracht dit aanbod niet ontvangen? Dan heeft de oproepkracht recht op doorbetaling van het loon over het aantal uren dat de werkgever hem/haar moest aanbieden.
  • Ziek buiten oproepperiode
    In de periode waarin de oproepkracht niet wordt opgeroepen, heeft de oproepkracht geen recht op doorbetaling van het loon. Roept de werkgever de oproepkracht tijdens ziekte niet meer op? En werkt de oproepkracht minimaal 3 maanden bij de werkgever? Dan heeft de oproepkracht mogelijk recht op doorbetaling van de uren die hij/zij gemiddeld werkt.
    De werkgever mag de werknemer hooguit een jaar als oproepkracht laten werken. Blijft de oproepkracht na dat jaar in dienst, dan krijgt de oproepkracht recht op een vast aantal uren per week, maand of jaar die hij/zij de afgelopen 12 maanden gemiddeld werkte. De werkgever moet dit aanbod binnen een maand na dat jaar doen. Heeft de oproepkracht dit aanbod niet ontvangen? Dan heeft de oproepkracht recht op doorbetaling van het loon over het aantal uren dat de werkgever hem/haar moest aanbieden.
    Zolang het arbeidscontract nog duurt, heeft de oproepkracht ook geen recht op Ziektewet-uitkering. Pas als het arbeidscontract eindigt en de oproepkracht nog steeds ziek is, dan geeft de werkgever dit door aan UWV. UWV beoordeelt dan of de persoon recht heeft op een Ziektewet-uitkering.
    Wordt de oproepkracht ziek binnen vier weken nadat het laatste arbeidscontract is afgelopen, dan moet de werkgever dit doorgeven aan UWV. UWV beoordeelt dan of de oproepkracht recht heeft op een Ziektewet-uitkering.

3. Min-maxcontract

Bij een min-maxcontract is de oproepkracht bij een oproep van de werkgever verplicht te komen tot het afgesproken maximum aantal oproepbare uren. Heeft de oproepkracht een min-maxcontract en wordt hij/zij ziek, dan gelden de volgende regels:

  • In alle gevallen krijgt de oproepkracht minstens 70% van het loon doorbetaald over de garantie-uren. Als dit bedrag lager is dan het voor hem/haar geldende minimumloon, krijgt de oproepkracht het minimumloon.
  • Roept de werkgever de oproepkracht tijdens ziekte niet meer op? En werkt de oproepkracht minimaal 3 maanden bij de werkgever? Dan heeft de oproepkracht mogelijk recht op doorbetaling van de uren die hij/zij gemiddeld werkt.

De werkgever mag de werknemer hooguit een jaar als oproepkracht laten werken. Blijft de oproepkracht na dat jaar in dienst, dan krijgt de oproepkracht recht op een vast aantal uren per week, maand of jaar die hij/zij de afgelopen 12 maanden gemiddeld werkte. De werkgever moet dit aanbod binnen een maand na dat jaar doen. Heeft de oproepkracht dit aanbod niet ontvangen? Dan heeft de oproepkracht recht op doorbetaling van het loon over het aantal uren dat de werkgever hem/haar moest aanbieden.
Zolang het arbeidscontract nog duurt, heeft de oproepkracht ook geen recht op Ziektewet-uitkering. Pas als het arbeidscontract eindigt en de oproepkracht nog steeds ziek is, geeft de werkgever dit door aan UWV. UWV beoordeelt dan of de oproepkracht recht heeft op een Ziektewet-uitkering.

Wordt de oproepkracht ziek binnen vier weken nadat het laatste arbeidscontract is afgelopen, dan moet de werkgever dit aan UWV doorgeven. UWV beoordeelt dan of de oproepkracht recht heeft op een Ziektewet-uitkering.

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel