Over dit artikel

De Autoriteit Persoonsgegevens kan boetes opleggen bij overtredingen van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet van de AVG. De boetebeleidsregels geven inzicht in de manier waarop de Autoriteit de hoogte van een boete berekent. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft de boetebeleidsregels aangepast omdat de oude regels betrekking hadden op overtredingen van eerdere privacywetgeving.

De hoogte van een boete verschilt per type overtreding. Daarnaast speelt bij het vaststellen van de hoogte bijvoorbeeld ook de ernst, omvang en duur van de overtreding mee en of er sprake is van opzet of herhaling.

De AP werkt met zogenoemde boetecategorieën, gekoppeld aan een minimum- en een maximumbedrag. Daarbinnen zijn basisboetes vastgesteld. Stel dat binnen een categorie het minimale boetebedrag € 50.000 is, en het maximale € 100.000. De basisboete is dan vastgesteld op € 75.000. Een organisatie die voor een vergrijp een boete krijgt in die categorie, kan dus in principe een factuur van € 75.000 verwachten. De AP gaat echter wel onderzoeken hoe zwaar de betreffende overtreding weegt. Soms kan de boete dus nog opschuiven naar het minimum- of maximumbedrag. Het is volgens de AP mogelijk dat de hoogte van de bedragen in een later stadium wordt aangepast.

Het boetebeleid is nu uitgewerkt en gepubliceerd. Hierin is toegelicht in welke gevallen boetes worden uitgedeeld en in welke categorie overtredingen vallen.

Klik hier voor de boetebeleidsregels Autoriteit Persoonsgegevens 2019

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Marloes van Caulil