Over dit artikel

Volgens het wetsvoorstel Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) bepaalt vanaf 1 januari 2020 het soort contract (vast of flexibel) de hoogte van de WW-premie. De 72 sectorpremies én de premies voor het Algemeen werkloosheidsfonds (AWF) worden dan vervangen door één hoge en één lage WW-premie.

Om het voor een werkgever aantrekkelijker te maken om medewerkers vaste en langdurige contracten aan te bieden, is in het concept wetsvoorstel een maatregel uitgewerkt die de WW-premie alleen nog maar laat afhangen van de aard van de overeenkomst. De lage premie gaat naar verwachting gelden voor medewerkers met een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd waarin de omvang van de arbeidsovereenkomst is vastgelegd. Het gaat hier dan om het vastleggen van een vast aantal werkuren per week, of per jaar als een medewerker maar een deel van het jaar werk verricht.

Het uitgangspunt is dat de lage premie geldt voor situaties waarin de medewerker zekerheid heeft over zijn inkomen. Nul-uren contracten of min-max contracten vallen hier dan buiten.
Ook moet de werkgever de hoge WW-premie met terugwerkende kracht gaan betalen indien:

  • de medewerker binnen één jaar na het begin van zijn vaste contract een WW-uitkering krijgt;
  • de medewerker een deeltijd WW-uitkering krijgt en voor de overige uren in vaste dienst blijft;
  • de vaste overeenkomst binnen vijf maanden na het begin wordt beëindigd.

Als deze wet aangenomen wordt, moet op de loonstrook van de medewerker worden vermeld of er sprake is van een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd en met vastlegging van de omvang van de arbeid. Dit biedt de medewerker meer zekerheid en maakt de controle voor de Belastingdienst gemakkelijker. Ook op de jaaropgave moet dit vermeld worden en de werkgever dient deze gegevens tevens door te geven via de loonaangifte aan de Belastingdienst.

Maatregelen tegen piekbelasting Belastingdienst

Vooruitlopend op de WAB heeft minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid per 29 juni 2018 al onderstaande 3 maatregelen doorgevoerd om piekbelasting bij de Belastingdienst te voorkomen.

  • Wijzigingen in de sectorindeling kunnen niet meer met terugwerkende kracht worden aangevraagd en te veel betaalde premies kunnen niet teruggevraagd worden.
    Blijkt dat er sprake is van verkeerde indeling waardoor te weinig sectorpremie is betaald? Dan kan de Belastingdienst de indeling wél met terugwerkende kracht wijzigen.
  • Gesplitste aansluitingen kunnen niet meer aangevraagd worden.
  • Groepsaansluitingen kunnen niet meer aangevraagd worden.

De maatregelen hebben geen invloed op hoe de organisatie op dit moment is ingedeeld. Is er sprake van een gesplitste aansluiting of een groepsaansluiting, dan blijft deze van toepassing zolang aan de voorwaarden wordt voldaan.

Meer informatie over deze aanpassingen kunt u hier lezen.

Blijf op de hoogte! Meld u aan
voor de AAG Nieuwsbrief.

Aanmelden

Deel dit artikel

Meer weten over dit onderwerp? Neem contact met mij op!

Monique Straver
Monique Straver senior payroll consultant
06 51562834
m.straver@aag.nl